De jaarlijkse 4 – 5 mei viering, de klokken en hun namen.

Geplaatst op 30-04-21 door Gerhard Vedder

De Klokken in de toren van de katholieke kerk op Erica zijn altijd heel belangrijk geweest. De evangelist Wilhelm Jonker schreef er al over in het door hem in 1923 geschreven boek “Het Morgenrood in de Drentsche Venen”.

Op 11 april 1885 kwam hij met zijn gezin aan op Erica alwaar zij zo’n 6 jaren zouden blijven wonen. We weten dat zij gedurende deze periode aan de Kerkweg woonden, dat hij heel goed met pastoor Geerdes “door een deur kon” en bewondering had voor zijn katholieke buurman Fritz Peters.

Over Fritz schreef de evangelist Jonker: “Fritz deed allerlei boodschappen voor de pastoor, onderhield ook nog de grote tuin en het mooie bosje van de pastoor. Hij luidde van tijd tot tijd de kerkklok, sleep de messen en poetste de schoenen van meneer Pastoor. Daarbij had Fritz ook nog zijn eigen boerderijtje te onder houden. Als hij dan op zijn land aan het werk was en het kerkklokje tot gebed riep, dan ontblootte Fritz het hoofd, stak den schop in den grond en leunde met de gevouwen handen op de greep. Fritz bad.”

Vroeger was het heel gebruikelijk om de zogenaamde angelusklok te luiden. Deze werd dagelijks geluid om 6 uur ’s morgens, op het middaguur en om 6 uur ’s avonds. Dat waren de tijden waarop rooms-katholieken werden opgeroepen om het Engel des Heren (ofwel het Angelus) te bidden. ’s Avonds om 9 uur luidde, in sommige streken, ook nog de “papklok” ten teken dat het tijd was om nog wat te eten en dan naar bed te gaan.

De angelusklok is de kleinste klok van het gelui (aantal klokken) in een katholiek kerkelijk gebouw en heeft de hoogste toon ervan.

Lange tijd hebben we op Erica het Angelus moeten missen. Maar toen in 2007 bij een grote onderhoudsbeurt de klokken elektrisch werden bediend en het hele luiden van de klokken werd “gecomputeriseerd”, toen is ook het Angelus terug gekomen.

En als we goed luisteren dan kunnen we iedere middag, nadat de klok 12 heeft geslagen, ook het Angelus horen “kleppen”. Afijn, let er maar eens op als u om 12 uur ’s middags in de buurt bent. Mocht u het Angelus toch eens willen horen maar u vindt niet de tijd om zo rond 12 uur ’s middags even naar de kerk te wandelen dan kunt u ook op de volgende YouTube link klikken en dan hoort u het Angelus zoals het over het Zuid Limburgse Echt klinkt. https://www.youtube.com/watch?v=J36JKSBA-3c  Ik moet echter wel toegeven dat de klokken van Echt wel meer volume hebben dan de Ericase klokken.

Maar nu een heel ander verhaal over de klokken, Een verhaal dat denk ik goed aansluit bij onze jaarlijkse en door corona helaas weer verstoorde 4 en 5 mei herdenking en viering.

Al weer een hele tijd geleden was ik in het kerkarchief aan het zoeken naar de geschiedenis van ons dorp en toen viel mijn oog op een “druksel” uit het een of ander “blaadje”.

Zelf denk ik dat het artikel van de hand van pastoor Ninteman is, die tijdens en na de oorlog (van 10 april 1942 tot aan zijn dood op 16 juli 1949) op Erica pastoor was.

Het “druksel” draagt de datum 12 Augustus 1945 en gaat als volgt:

De Klokken.

De titel “Klokken nummer” zou voor dit blaadje meer zeggend zijn, maar dan toch niet geheel beantwoorden aan de inhoud, want er is meer te bespreken als de klokken.

Den 15 Augustus vieren we onze groote processiedag, dit jaar weer met alle luister, en 19 Augustus herdenken we in een plechtige H. Mis van Requiem aan het monument op het Kerkhof onze gevallenen. En dan – als er plaatsruimte is – zijn er heel wat puntjes.

Eerst de klokken. Ze zijn er en zowel wat het geluid en het uiterlijk betreft: prachtig. Alle eer aan de Klokkengieterij van de heeren Van Bergen te Heiligerlee en beste dank voor hun accurate en snelle afwerking. De drie luidklokken wegen respectievelijk 100, 55 en 36 kg en hebben een middellijn van 53½, 41½ en 35½ cm. Heel zware zijn het niet, maar het is altijd nog mogelijk later een of meer zwaardere klokken aan te brengen. Dan zou Erica er bijna een carillon op na houden. We hadden echter de keus tusschen deze 3 klokken of jaren wachten op andere (en zouden we het dan nog kunnen betalen?)

Zooals gebruikelijk hebben de klokken namen.

De grootste draagt de eerste namen van de drie jongemannen uit onze parochie die door oorlogsgeweld gevallen zijn, nl. HARMANNUS van Harmannus Henderikus Bontjer, in Engeland bij het vervullen van zijn vaderlandsche plicht gesneuveld (en aan wien, zoals we dezer dagen vernamen, door H. M. de Koningin postume nog de militaire Willemsorde is verleend), JANTINUS van Jantinus Hermanus Vinke, zoo jammerlijk als onderduiker omgekomen bij een razzia van de moffen en JOZEF van Joost Frederik Anton van de Griendt, die te gevolge van een vliegaanval bij Leiden zwaar verwond werd en spoedig overleed.

Wilt u meer weten over hoe deze 3 Ericase jongemannen in dienst van het vaderland hun leven gaven, dan verwijs ik u graag naar het boek “Erica, 1940 – 1945, Belevenissen van dorpsgenoten”. In hoofdstuk 20 worden hun lotgevallen uitvoerig beschreven.

En daarmee zijn we dan toch een beetje bij 4 mei, de dag waarop wij de doden herdenken en 5 mei de dag waarop we de bevrijding vieren.

Maar terug naar de klokken.

De tweede klok draagt de naam de naam van de H. Patrones van onzer Parochie: MARIA IMMACULATA = Maria Onbevlekt, terwijl de kleinste is gewijd aan S. JOSEPH, die in de bange oorlogsjaren het groote huisgezin van onze Parochie zo zichtbaar beschermd heeft; daarom staat er op: S. JOSEPH PROTECTOR = H. Joseph Beschermer.

Bovendien is op de grootste klok behalve het jaartal 1945, nog een latijnsche inscriptie aangebracht, die luidt: Primis a Teutonicis grecibus praedatis nos terni fortes plorant populumque vocant in patria renacente = nadat de eerste klokken door de Teutoonsche benden geroofd waren beweenen (betreuren) wij met ons drieën de helden en roepen het volk (de parochianen) in een herrijzend (herboren) vaderland.

Op bovenstaande foto zien we de grootste van de 3 klokken met daarin de namen van de gevallenen. Op de deelvergroting in de foto kunnen we duidelijk de namen Harmannus, Jantinus en de eerste 2 letters van Jozef lezen, plus een gedeelte van de tekst die naar de Teutoonsche bendes verwijst. En als u toch een keer wilt “stilstaan” bij deze 3 Ericase jongens, die hun leven gaven voor hun vaderland, dan hoeft u niet via smalle trapjes de toren te beklimmen.

U kunt dan ook even naar het kerkhof achter de kerk wandelen want daar staan hun namen ook nog eens in een marmerenplaat op de offertafel aldaar.

Maar nu weer even terug naar de klokken van toen, want de pastoor gaat verder:

De 3 klokken zullen op Zondag 12 augustus ’s namiddags om 4 uur, plechtig worden gewijd en geconsacreerd. De Kerk is gewoon alles, wat zij in haar liturgie opneemt te zegenen en te wijden.

Ook is het haar voortdurend streven de geheele schepping, die onder de paradijsvloek ligt, te zuiveren en op te heffen. ’t Is niet te verwonderen dat zij in haar Rituaal een zegening der klokken bewaart, waarmede zij de bedoeling heeft door haar gebed, dat zij als het ware aan de geluidsgolven der klokken verbindt, zoowel de lucht te zuiveren van den boozen geest die daar zijn macht uitoefent (Ephes II.2), als de godsvrucht der geloovigen te vermeerderen, die op het geluid der klok naar Gods Kerk geroepen worden.

Om voor de klokkenzegening de volksgunst van het voorgeslacht te winnen, behoefde zij slechts hunne opvattingen te zuiveren en te kerstenen.

Oudtijds bestond namelijk de meening dat de kwade geesten. Die hun macht toonden tijdens storm en onweer, door een krachtig geluid verdreven konden worden. Men gebruikte tot dit doelschellen. Lezen we nog niet van heidensche volkeren , die met allerlei lawaaimiddelen booze geesten trachten te verdrijven?

De pastoor gaat, voor de echt geïnteresseerden, verder met een uitgebreide beschrijving van de rituelen die gebruikelijk zijn bij het inzegenen en in gebruik nemen van kerkklokken.

Bij het invoeren van de klokkenzegening echter schreef de kerk de macht, om de kwade geesten te verdrijven, niet toe aan het klinkend klokmetaal, maar aan de gebeden en de zegeningen, die door den Bisschop (of gemachtigd priester) over de klok werden uitgesproken.

Ondoenlijk is het hier geheel de plechtigheid der Klokkenwijding weer te geven. We zullen ons beperken tot de voornaamste punten, en als het enigszins mogelijk is, Zondagnamiddag vanaf de preekstoel de gehele plechtigheid uit te leggen en de gebeden vertaald weergeven. De Klokken worden vooraan in de Kerk geplaatst. De priester met assistenten gaan processiegewijze naar de Klokken. Als inleiding tot de wassching der Klokken (spreken we niet van doopen?) worden de 7 boetpsalmen gebeden, waarin de psalmist smeekt dat Gods barmhartigheid den vloek der zonde moge wegnemen, alle kwaad, alle gevaren en verschrikkingen af te wenden en waarin hij het volk uitnoodigt God te verheerlijken, omdat de bestemming van de Klok door de zegening is: de macht der kwade geesten te verdrijven en de geloovigen uit te noodigen om God in Zijne Kerk te verheerlijken en hunnen godsvrucht te vermeerderen.

In zeer mooie gebeden worden dan eerst water en zout gewijd, d.w.z. eerst “geestelijk ontsmet” door het verjagen van den duivel, die er zich van zou kunnen bedienen om daarna gewijd te worden. Om daarin gedompeld te zijn, zodat overal haar geklep, verre verwijderd zal blijven van de vijandelijke hinderlagen, de duistere macht der geesten, losbarstende windvlagen, blikseminslag, onweerschade, stormschade en ieder geweld der orkanen: en moge de godsvrucht vermeerderen in de christen-kinderen, als deze haar geluid hooren, zoodat zij … enz.”

De Klokken worden met gewijd water gewasschen en als inleiding op de zalvingen volgen 6 psalmen, die herinneren aan de bestemming der klokken n.l. om de geloovigen uit te nodigen God te loven. Die goed, machtig en Heer der schepping is.

Daarna worden de Klokken met H. Olie en H. Chrysma gezalfd, bewierookt enz. alles onder zeer zinrijk gebed. Met het zingen van het Evangelie Luc. X wordt de plechtigheid beëindigd.

Daarna gaan de Klokken de toren in om dan vóór de plechtige Hoogmis op 15 Augustus voor het eerst hun klanken over onze parochie te stuwen. Moge hun stem begrepen en gevolgd worden en dat ze mogen luiden honderden jaren over een gelukkig en vredig Erica.

God ter ere, ons het nageslacht tot heil.

Ik wil niet eindigen dan met een woord van hartgrondige dank aan de parochianen voor hun milde bijdragen en aan de jongelui van “de pakjesclub”, voor de moeite, die zij zich hebben getroost door de gelden op te halen. Behalve de drie luidklokken komt er ook een torenuurwerk, dat een sieraad voor onze toren en van groot nut voor onze plaats zal zijn.

In eensgezindheid hebben we dat bereikt. Als dat zoo blijft dan zullen we nooit de wijzers van de tijd behoeven terug te zetten, dan gaan we met onze tijd mee, dan weten we: hoe laat het is!

Zover pastoor Ninteman en zijn verhaal over de klokken.

Gaan we toch nog weer terug naar de zomer van 1945.

Erica en de kerkklokken waren zelfs onderwerp van landelijk nieuws. Want de landelijke krant “Het Limburgs Dagblad” schreef op 21 augustus 1945 in haar dagelijkse rubriek “Hier is Nederland” niet alleen dat onze regering een Raad voor Rechtsherstel heeft geïnstalleerd met als voorzitter Professor Gerbrandy. (De prof kon er, vanwege ziekte, helaas zelf niet bij zijn.)

En dan als volgende belangrijke mededeling:

“Over het Drentsche dorpje Erica hebben die nieuwe klokken geluid die tot de eersten behooren die na den oorlog in ons land gegoten zijn”.

Op 21 augustus 1945 konden we ook in de krant “Ons Noorden” onder de kop “Vreugde te Erica”  onder ander het volgende lezen:

De toren van de katholieke kerk te Erica is de eerste in Noord Nederland, die na de klokkenroof in 1943, weer in welluidende tonen de gelovigen ter kerke roept.

Op Zondag 12 Augustus werd door deken P. J. Veltman de doop en consecratie verricht van een drietal klokken, bestemd voor de Ericase toren. Een overvolle kerk volgde met aandacht de plechtigheden, waarna pastoor B. Veltman van Barger Oosterveld zich in passende bewoordingen tot de gelovigen richtte. Het geld voor de klokken werd bijeengebracht door de jeugd, uit dankbaarheid voor de behouden terugkeer uit Duitsland. De klokken werden gegoten door van Bergen. Voor het eerst leverde deze beroemde gieterij “ondergedoken” klokken. In dezelfde week werd door dezelfde firma een torenuurwerk geplaatst met vier wijzerplaten en aluminium cijfers.   

In de Provinciale Drentse en Asser Courant konden we ook lezen over de klokken en de drie jeugdige Ericanen, die als slachtoffer van de Duitsche terreur gevallen waren.

Het artikel eindigt zonder overgang en, voor mij, om totaal onlogische reden met de volgende mededeling:

“Sinds Maandag j.l. is de postbestelling aanmerkelijk verbeterd. In vele plaatsen is een middagbestelling ingevoerd, zodat de dagbladen nog dezelfde dag besteld worden, terwijl het overigens mogelijk is, dat deze vrijwel overal, ook in de buitenbestellingen in de eerste bestelling komen, zoals dit vroeger het geval was.”

Misschien dat een gepensioneerde postbode en bezoeker van de HKE website mij kan uitleggen wat de post met deze verdwaalde mededeling bedoelde en wat dat voor “De Post” betekende.

Nu we toch bij de klokken zijn maken we ook even een sprong en komen aan in, ik denk, 1973.

We zijn in Eindhoven, om precies te zijn in de Eindhovense woonwijk Fellenoord.

Fellenoord was aan het begin van de 20e eeuw een drukbevolkte wijk, waardoor de behoefte ontstond aan een nieuwe parochiekerk. Tussen 1907 en 1909 werd aan de Boschdijk een grote neo-romano-gotische kruiskerk gebouwd. Op 19 april 1909 werd de kerk ingewijd.

Maar ook nu komen niet aan de Tweede Wereld Oorlog voorbij.

Bij het bombardement op Eindhoven van 19 september 1944 raakte de kerk zwaar beschadigd. Het gebouw kon echter worden hersteld en werd in 1949, met ook nieuwe klokken,  weer opnieuw ingewijd.

Na de Tweede Wereldoorlog werd een groot deel van Fellenoord gesloopt om plaats te maken voor nieuwe autowegen. De kerk verloor hierdoor haar parochianen en werd in 1971 gesloten. In 1973 werd de Fellenoordkerk, onder veel protest van de plaatselijke bevolking, afgebroken en kregen, onder andere, de klokken na verloop van tijd een nieuwe bestemming.

Een van de klokken ging vanuit Eindhoven op reis naar het noorden en vond in 1975 een nieuwe bestemming in onze RK kerk op Erica. Waar hij samen met de andere 3 klokken “van pastoor Ninteman” en het uurwerk nu al meer dan 20 jaar goed en met toewijding  verzorgd wordt door Tonnie Möhlman.

Want ondanks dat het hele spul inmiddels helemaal “gecomputeriseerd” is, van zomer- naar wintertijd en weer terug dat doet Tonnie nog allemaal met de hand.

Op de foto hierboven zien we hoe Tonnie, toen ik samen met hem in de toren was, helpt de klok te “identificeren”.

Tot slot. Op deze zoektocht rond de klokken liep ik, als zo vaak, natuurlijk ook weer tegen andere wetenswaardigheden aan. Antwoord bijvoorbeeld op de vraag hoe vond deze klok uit Eindhoven zijn weg naar Erica. Maar de vraag: “Wat was de Pakjesclub van pastoor Ninteman?” kreeg bijvoorbeeld nog geen antwoord. Ik houd mij echter voor iedere hint of aanwijzing aanbevolen.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


3 + = zeven

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.