Ergens in Nederland 1939 – 1945 en Erik Zwiggelaar

Geplaatst op 29-03-20 door Gerhard Vedder

Ergens in Nederland 1939-1945 is een particulier museum in Emmen over de mobilisatie en de Tweede Wereldoorlog. Het museum is gevestigd aan de Weerdingerhaag 8 (zijstraat van de Weerdingerstraat in Emmen) en is het levenswerk en passie van onze oud dorpsgenoot Erik Zwiggelaar. Het museum is, in normale tijden, enkele dagen per week en op verzoek geopend. De naam van het museum is ontleend aan de door onder meer de media geheim gehouden locaties van Nederlandse militairen ten tijde van de mobilisatie (1939-40).

Erik komt regelmatig, en niet alleen in het jaar waarin we 75 jaar Vrijheid vieren, met zijn museum in het nieuws. Zo werd hij weer eens door RTV Drenthe geïnterviewd in het kader van maar liefst een 7 uitzendingen durende reportage vanuit zijn museum. De uitzendingen zijn te horen tijdens de zondagmiddag uitzendingen in het programma “Drenthe Toen” van Radio Drenthe.

Mede omdat ook het HKE programma met onze Ericase basisscholen in het kader van “75 jaar Vrijheid” een “Coronastokje in het wiel gestoken kreeg” is het misschien een idee om op zondagmiddag eens met het oor tegen de radio te luisteren naar “Drenthe Toen”.  

Goed gekleed en goed gevoed, dat waren onze bevrijders. Zeker in vergelijking met de soldaten van de bezetter, die het na jaren van dienst moesten doen met afgedragen en versleten spullen.

Erik Zwiggelaar, voorzitter van Stichting Museum ergens in Nederland in Emmen wijst op een paspop in Amerikaans uniform. “Die Amerikanen en Engelsen hadden zoveel gloednieuw materiaal, dat kwam vers van de pers. Tegelijkertijd waren de Duitsers bezig inzamelingen houden voor warme kleding voor hun soldaten.”

Erik Zwiggelaar verzamelde vanaf zijn jongensjaren zo veel spullen uit de Tweede Wereldoorlog in Drenthe, dat hij er een fors museum mee kon vullen. En wie daar speciaal komt zoeken naar spullen die met de bevrijding te maken hebben, komt niet tevergeefs.

Pronkstukken

“We hebben hier eigenlijk wel de hele oorlog in beeld,” zegt Zwiggelaar trots, “van begin tot eind. En van het einde, de Bevrijdingstijd, hebben we heel wat in de collectie.” We lopen naar een groepje levensgrote paspoppen in geallieerde uniformen. Eén van hen draagt een geweer. Zwiggelaar streelt eerbiedig de houten kolf. “Een machinegeweer. Van de Franse para’s. Het verhaal dat erbij hoort? Er wordt gevochten bij Spier, een groep parachutisten is daar geland. De officier die hen leidt wordt geraakt en wordt afgevoerd naar Hoogeveen. Hij overlijdt aan zijn hoofdwond en wordt in Coevorden met militaire eer begraven. Dat was mogelijk dankzij de inspanningen van de verzetsstrijders daar. Verzetsstrijder Wolbers zou als dank daarvoor dit geweer gekregen hebben. Eén van de vele pronkstukken uit onze collectie.”

De tocht door het museum gaat stapvoets, want bij elke schrede valt Zwiggelaar een nieuw verhaal in. “Oh ja, hier een Poolse soldaat.” Hij wijst op een pop in vol militair ornaat. “De communicatie met de bevrijders was vaak een probleem. Je moet je voorstellen, die Poolse soldaten gingen op verkenning in de gebieden die ze wilden bevrijden. Klopten bij donker aan. Staat er zo’n man voor je deur in een vreemd uniform, maar die begint wel in het Duits. Dat wekte natuurlijk wel bevreemding, deugde dit wel? Met de Fransen was helemaal geen woord te wisselen, koeterwaals, vonden de meeste Drenten. De schoolmeesters mochten zich in een plotselinge populariteit verheugen, ze waren ineens gevierde vertalers.”

Soldaat met zere voeten

Achterin de zaal zit een paspop in een weinig heroïsche houding naar zijn blote voeten te kijken. Ernaast staat een metalen flesje met daarop de tekst ‘Foot powder’.

Erik Zwiggelaar: “Dit heb ik hier zo neergezet als herinnering aan een Canadese veteraan die hier een paar keer is geweest. Hij was een ‘medic’, oftewel medisch verzorger. En daarbij moet je dus niet direct denken aan spectaculaire verwondingen na het inslaan van een granaat en dergelijke. Deze mensen hielden zich voor 90% van hun tijd bezig met de voeten van de soldaten! Wat je maar met je voeten kunt hebben, die jongens hádden het en wel tien keer zo erg als mensen in vredestijd. Ingescheurde nagels, blaren, noem het maar op. En dus was het zaak die voeten dagelijks goed te verzorgen. Met dit poeder, bijvoorbeeld… Want aan een soldaat met zere voeten heb je niks!”

Favoriet bevrijdingsitem

Zwiggelaar gaat op zijn tenen staan om een voorwerp van een vitrine te pakken. “Vooruitlopend op de Bevrijding werd aan verzetsstrijders gevraagd om de geallieerden te helpen. Daarvoor werden ook droppingen georganiseerd. Trommels als deze kwamen uit de hemel vallen op vooraf afgesproken plekken.” Zwiggelaar toont een groot dofgroen blik: “Een droppingstrommel is dit. Een stuk of zes van deze werden aan elkaar gebonden en uit het vliegtuig gegooid met een parachute eraan. Hier zullen munitie, stenguns en pistolen in gezeten hebben. Hij is flink gebutst, zal wel niet zo’n zachte landing hebben gehad.”

Welk voorwerp zijn favoriet is van alle bevrijdingsitems? Daar hoeft hij geen seconde over na te denken. “Deze rugzak. Een parachute, zit daarin. Helemaal compleet en dat is zeldzaam. Gekregen van de heer Kuipers, die bij Nooitgedacht ondergedoken zat. Vlakbij het onderduikershol waren parachutisten geland, die expres alles hadden laten slingeren om paniek te zaaien bij de Duitsers. Zijn familie haalt nog steeds elk jaar deze parachute op, hij wordt dan feestelijk als een soort enorme vlieger opgelaten, dat is een traditie. Bijzonder hé..”

De eerste van 7 reportages vanuit het Museum Ergens in Nederland is te horen in het programma “Drenthe Toen” op zondag 29 maart tussen 14.00 en 16.00 uur.

Bron van dit verhaal: https://www.rtvdrenthe.nl/nieuws/158555/Drenthe-Toen-Van-foot-powder-tot-droppingstrommel-een-museum-vol-bevrijdingsverhalen

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *


+ vier = 11

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.