De Kazemat bij de “Ericasebrug”

Geplaatst op 08-05-17 door Gerhard Vedder

Kazemat bij de brugHet was op 4 en 5 mei al weer 72 jaar geleden dat we het einde van de Tweede Wereldoorlog herdachten. Aanleiding om samen even terug te kijken op hoe ook Erica, met de dreiging van een vijandige aanval, onderdeel werd van een “Weerstandslinie” in Noordoost Nederland.

Op 28 augustus 1939 werd in ons land, in verband met de oplopende internationale spanning, besloten tot een algehele mobilisatie.

 

 

Afkondiging mobilisatie op 28 aug. 1939Gedurende deze mobilisatietijd, die duurde tot de inval van de Duitsers op 10 mei 1940, werd Nederland zoveel mogelijk in gereedheid gebracht, c.q. gehouden voor een eventuele vijandelijke aanval. De verdedigingslinies die daartoe werden uitgedacht en daadwerkelijk versterkt met verdedigingsobjecten, waren eigenlijk allen gericht op het afslaan van een aanval vanaf de oostzijde. In dit gehele verdedigingsconcept waren in Drenthe geen verdedigingslinies gepland. Wanneer de vijand Drenthe binnen zou trekken, moesten de hier gelegerde soldaten wel zoveel mogelijk doen om de opmars te vertragen.

 

 

 

De O - LinieDe verdedigingsobjecten die hier werden gebouwd, waren daar dan ook op gericht. In de opzet van de vertragingslinies in Drenthe werd gebruik gemaakt van de aanwezige hindernissen in de vorm van kanalen en rivieren. Langs deze wateren werden drie verdedigingslinies opgezet die elk een letter kregen. Zo waren er in Zuid Oost Drenthe en Overijssel de O-, de Q-, en de F- lijn. Voorwaarde voor de vertragingsfunctie van de kanalen was uiteraard dat de bruggen bij een eventuele aanval niet gebruikt konden worden. Derhalve werden zij voorzien van dynamiet en in de nacht van 9 op 10 mei 1940 voor een deel opgeblazen. Ter hoogte van de bruggen waren aan de westzijde versterkingen gebouwd, veelal betonnen kazematten.Deze bunkers of kazematten, van het zogenaamde S-type,  werden ook wel “stekelvarkens” genoemd. Ze hadden drie schietgaten en waren aan de bovenzijde voorzien van haken, waarmee camouflagenetten over de bunkers gespannen konden worden. Dit type bunker stond dus ook bij de Ericasebrug, maar nu iets meer over deze O-lijn die dus ook over Erica, langs de Verlengde Vaart liep

De O-lijn 

Deze lijn liep dicht achter de grens via de kanalen. Het tracé ligt van De Haandrik (ZW van Coevorden) via Nieuw Amsterdam, Erica, Klazienaveen, Barger- en Emmer Compascuum, Ter Apel, Vlagtwedde, Veelerveen, Nieuwe Schans naar de Dollard en naar Termunten waar het aansloot op de K-lijn. De bruggen langs deze lijn moesten na grensoverschrijding vernield (opgeblazen) worden. De lijn bestond uit kleine grensdetachementen, vaak ter sterkte van een infanteriegroep (11 man) die bij een aanval alarm moesten slaan en vervolgens terugtrekken op de Q-lijn. Een Duitse opmars zou worden vertraagd door enige mate van weerstand te bieden, hiervoor waren op strategische plekken opstellingen, lichte en zware mitrailleurs gemaakt.

StekelvarkenDe bij de bruggen in Erica gelegen kazemat werd aangeduid met S25. Op bovenstaand kaartje zien we de O- en Q-lijn nog eens duidelijk aangegeven waarbij Erica (rood) omcirkeld is. De “O’s ” rechts en onder in het kaartje geven de reeds omstreeks half februari 1940 door het Duitse “Reiterregiment 1” ingenomen posities in.

O-lijn EricaDe morgen van 10 mei 1940 Zoals eerder vermeld was het Nederlandse leger niet groot genoeg om het gehele land te verdedigen. Er werd voor gekozen om Noordoost-Nederlands prijs te geven, met dien verstande dat de Duitse opmars vertraagd moest worden door versperringsploegen.Slechts 5 bataljons konden voorts nog enige weerstand bieden achter sloten en vaarten, zoals bij de O-lijn en de Q-lijn, de enige verdedigingslinies van betekenis in het noordoosten.

De aanval op dit vrijwel onverdedigde stuk Nederland mocht worden uitgevoerd door de 1e(en laatste) Kavalerie-Division, die oorlogservaring had opgedaan in Polen. Deze met pioniersafdeling, antitankgeschut, rijwielafdeling en marine-commando versterkte Divisie van meer dan 13.000 man kwam overwegend uit Pruisen. De ruiterafdelingen waren bewapend met karabijnen, mortieren, mitrailleurs en veldgeschut. Na maanden wachten mochten ze in de morgen van 10 mei de grens overtrekken. Ogenblikkelijk werd alarm geslagen. Overal hoorde men het geluid van het (op tijd) opblazen van bruggen. Mijnenvelden werden op scherp gezet, wegen versperd en de verdedigers namen plaats in de 13 kazematten van de O en Q-lijn. Hier wist het handjevol soldaten met mitrailleurs uit de 1e W.O. op bewonderenswaardige wijze een enorme overmacht enige uren tot staan te brengen. De Duitsers weten dit achteraf aan de goed gecamoufleerde bunkers, die nauwelijks waren te onderscheiden in het landschap. Ook de in armoe gemaakte zandbunkers van aarde met houtomzoomde schietgaten bewezen hun diensten. Een doorbraak bij ‘De Krim’ bezegelde het lot van deze linies.

InvalOok in Erica was inmiddels, een kazemat gebouwd en bemand. Verder waren ook hier de bruggen van dynamiet voorzien.  Op bovenstaand kaartje zien we echter dat op de morgen van 10 mei 1940 de Duitse troepen bij hun inval in ons land aan Erica voorbij trokken. Het kwam dus niet tot “schermutselingen” of gevechten. Wel werden volgens bevel ook in Erica de 2 bruggen (in het centrum en over de Ensingwijk) opgeblazen. De bruggen werd door de vijand echter snel hersteld. Helaas moest de “Ericasebrug” over de Verl. Vaart, het ook nog eens ontgelden. Op hun terugtocht  in begin april 1945 hebben de Duitsers veel onnodige vernielingen aangericht, zo ook in Erica waar de “Ericase Brug” werd opgeblazen.Ericasebrug 10 april 1945

Na de oorlog Op bijgaande foto zien we nog hoe op 11 april  1945 ook in Erica “afgerekend” wordt met hen die in de oorlog  voor de vijand hadden gekozen en zich hadden aangesloten bij de NSB, de Nationaal Socialistische Beweging. Langzaam hernam het “gewone leven” ook op Erica weer zijn gang. Na verloop van tijd wordt ook in Erica de naoorlogse economische opleving merkbaar. En krijgen we ook te maken met meer verkeer en vooral meer auto’s op straat. Bij de Ericase brug(gen) doen zich steeds vaker gevaarlijke situaties voor en gebeuren er zelfs ernstige ongelukken. Veel van deze ongelukken worden geweten aan de onoverzichtelijke situatie die met name wordt veroorzaakt door de aanwezigheid van de kazemat. Met name het verkeer dat van de Pannekoekendijk komt heeft geen zicht op het verkeer dat uit de richting van Nieuw Amsterdam komt. Na enkele fatale ongelukken komt er een discussie opgang om niet alleen in Erica maar ook elders de kazematten te verwijderen. Onderzoek in het Gemeentelijk Archief, waar een speciaal 5 cm dik “Kazematten Dossier” ligt, leert dat de weg naar verwijdering van deze betonnen kolossen niet eenvoudig is geweest. Al  in 1943 zijn de kazematten in de gemeente Emmen in ongebruik geraakt en met zand opgevuld en ging een eerste verzoek naar de toenmalige Rijksoverheid om ze op kosten van “het rijk” te slopen. Dit verzoek wordt afgewezen en in plaats daarvan wil “het rijk” de kazematten wel voor fl. 1,- per stuk overnemen. Uiteindelijk wordt echter deze “deal” afgewezen en halen de kazematten gewoon het einde van de oorlog.Kazemat 1955

Inmiddels zitten we in de vijftiger jaren (van de vorige eeuw) en hebben we te maken met de Koude Oorlog en is de Sovjet Unie onze potentiële vijand en wordt er dwars door West Europa een uitgebreide verdedigingslinie aangelegd. Onze landmacht gaat, met name om die reden, regelmatig oefenen op de Lüneburger Heide en verder heeft onze luchtmacht raketstellingen, gericht op de Sovjet Unie, in de omgeving van Seedorf in Duitsland. En het Ministerie van Oorlog wil, na een verzoek om de kazematten te slopen, eerst onderzoeken of de kazematten een nieuwe rol kunnen spelen in de landsverdediging . In november 1950 wordt in een Dienstgeheim aan B&W van de gemeente Emmen medegedeeld dat men de kazematten in Zwartemeer en Erica weer een “actieve rol” wil geven. Maar concrete besluiten worden er niet genomen en blijft de zaak gewoon door sudderen. Begin 1956 komt er nieuw licht op de zaak. Het Commissariaat voor Oorlogsschade schrijft namelijk dat het geen reden ziet om de kazematten op te ruimen maar wel tegemoet wil komen in de sloopkosten door fl. 21,- voor de grond onder de kazematten te betalen. Op 30 juni 1956 stuurt de Ericase Hoofdagent van Politie, Berend Schotpoort een bericht rond de ”opruiming van de kazemat te Erica” naar zijn Hoofdinspecteur in Emmen. Schotpoort stelt vast dat: “Nu de Verl. Vaart een voorrangsweg is geworden, de kazemat in verband met de verkeersveiligheid zo snel mogelijk moet worden verwijderd, dit om dodelijke ongevallen te voorkomen. Verscheidene automobilisten hebben reeds hun bezwaren omtrent de situatie ter plekke te kennen gegeven.” Uiteindelijk steunen ook B&W het verzoek van “politie Schotpoort” en zeggen toe om het Ministerie van Oorlog te verzoeken de kazemat op te ruimen dan wel vergunning te verlenen om de kosten van opruiming bij het Ministerie te declareren.Maar het Ministerie van Oorlog geeft geen gehoor op het verzoek om de kosten voor verwijdering te betalen  Wel wordt in augustus 1956 besloten om de kazematten geen actieve rol in de Koude Oorlog te geven maar het “Kazematten Dossier” wordt steeds dikker. Zo schrijft bijvoorbeeld in 1958 de directeur van de N.V. Drentsche Kanaal Maatschappij aan B&W van Emmen dat hij de kazematten in Nieuw Amsterdam en op Erica “niet alleen esthetisch een aanfluiting voor de omgeving vindt, doch ook voor het verkeer zijn het obstakels die zo spoedig mogelijk moeten  worden opgeruimd”. In de periode van augustus 1956 tot en met december 1960 wordt er ook intensief en uitvoerig  tussen Emmen en Den Haag gecorrespondeerd. Het Ministerie blijft echter, ondanks alles, verwijzen naar haar voorstel om fl. 21,- per kazemat te betalen. Hier veranderen ook vragen van dhr. Zegering-Hadders uit Emmen, die toen in de 2e Kamer zat, aan de Minister niets aan. Uiteindelijk vragen B&W een de raad om in te stemmen met de sloop door een particulier bedrijf. Hiervoor zou fl. 2500,- per kazemat nodig zijn.

De Raad keurt het voorstel af en stuurt B&W andermaal op stap om de sloop door het rijk te laten bekostigen.

Met als gevolg dat er wederom niets gebeurt. Inmiddels schrijven we 1967 en de kazematten staan er nog, ook die bij de Ericasebrug. B&W doen een nieuwe poging en vragen dit keer de Raad om in te stemmen met het voorstel om door de Fa. Roeterink uit Rijsen 3 kazematten (Zwartemeer, Klazienaveen en Erica) te laten slopen voor het bedrag van fl. 9200,- (zo’n € 4000,-). Wederom wijst de Raad het voorstel af en verzoekt B&W nogmaals om contact te zoeken met de rijksoverheid en daar een oplossing af te dwingen. B&W krijgen daarop op 17 april 1968 van de Bevelhebber der Landmacht te horen dat men voor de verwijdering niet op zijn steun mag rekenen en op eigen kosten een civiele onderneming in moet schakelen. Op deze brief, die tevens de laatste brief in het “Kazematten Dossier” is, heeft de toenmalig verantwoordelijke Wethouder, dhr. Londo met de hand geschreven:Beslissing Londo

“Voorlopig niets doen = laten staan”.

Toch werd gelukkig, niet veel later, met de sloop van de kazemat bij de Ericasebrug begonnen. En heden ten dage herinnert, op die plek, niets meer aan dit verdedigingswerk. Een verdedigingswerk dat als onderdeel van verdedigingslinie die tegen de dreiging van Nazi-Duitsland werd opgeworpen. Een verdedigingswerk dat nooit als zodanig in actie kwam en waarvan we hier en daar nog “broertjes of zusjes”, ook in onze streek, als monument in het open veld aan treffen.

 

2 reacties op “De Kazemat bij de “Ericasebrug””

  1. Joop Schipper zegt:

    De Kazemat bij de “Ericasebrug”
    De morgen van 10 mei 1945 Zoals eerder vermeld was het Nederlandse leger niet groot genoeg om het gehele land te verdedigen.

    Moet de datum niet 10 Mei 1940 zijn

Geef een reactie


+ 1 = vijf