Genealogie van familie Slot Harm

Geplaatst op 11-06-17

Stamreeks

Van

Harm Slot

(1921-2002)

Beroepswielrenner

 

1e generatie.

Claas Frederiksz Slot, geb. ca. 1645, trouwde te Oosterend (Texel) op 25-10-1671 met Martje Gerrits.Harm Slot 1

Uit dit huwelijk:

1.       Aaltje Klaas Slot, ged. Oosterend 06-03-1672

2.      Fredrik Klaasz Slot, ged. Oosterend 17-03-1675

3.      Gerrit Klaasz Slot, ged. Oosterend 05-01-1678,

volgt 2e generatie

4.      Jan Klaasz Slot, ged. Oosterend 05-01-1678

5.      Antje Klaas Slot, ged. Oosterend 31-03-1680, overl. vóór 1682

6.      Antje Klaas Slot, ged. Oosterend 05-04-1682

 

Deze gereformeerde familie van zeelieden begint met Claas Frederiksz, die zich omstreeks 1665 vestigde te Oosterend, op het eiland Texel, komende van Bafflo In de provincie Groningen.

(In Groningen heb ik geen voorouders kunnen vinden).

Via zijn kleinzoon Frederik Gerritsz Slot had hij een vrij groot nageslacht in Oosterend. In de loop van de 19e eeuw hebben alle mannelijke nakomelingen Texel verlaten.

 

2e generatie.

Gerrit Klaasz Slot, ged. Oosterend (Texel) 05-01-1678, doopgetuige Martje Klaas. Hij trouwde te Oosterend op 26-10-1704 met Barber IJbrants Kuijter, ged. Oosterend

24-06-1682, dr. van IJsbrant Jacobsz Kuijter en Aaf Jans de Lange.

Uit dit huwelijk:

1.      Klaas Gerritsz Slot, ged. Oosterend 02-08-1705

2.      IJsbrant Gerritsz Slot, ged. Oosterend 1708

3.      Frederik Gerritsz. Slot, ged. Oosterend 16-03-1710, volgt 3e generatie

4.      Ariaan Gerritsz Slot. ged. Oosterend 29-05-1714

 

3e generatie.

Frederik Gerritsz Slot, ged. Oosterend 16-03-1710, doopgetuige Aafje Jans, zeeman, overl. Oosterend, aan koorts, op 07-12-1782, oud 72 jaar, trouwde, oud 28 jaar, te Oosterend op 30-11-1738 met Dieuwertje Jacobs Graaf, ged. Oosterend 23-01-1714, dr. van Jacob Hendriksz Graaf en Neeltje Cornelis Vlaming.

Uit dit huwelijk:

1.      Aafje Frederiks Slot, ged. Oosterend 17-05-1739

2.      Jacob Frederiksz Slot, ged. Oosterend 25-09-1740

3.      Barber Frederiks Slot, ged. Oosterend 29-09-1742

4.      Hendrikje Frederiks Slot, ged. Oosterend 04-04-1745

5.      Jacob Frederiksz Slot, ged. Oosterend 27-10-1747, volgt 4e generatie

6.      Gerrit Frederiksz Slot, ged. Oosterend 27-09-1750

7.      Aafje Frederiks Slot, ged. Oosterend 10-01-1756

8.      Neeltje Frederiks Slot, ged. Oosterend 21-09-1762

 

4e generatie.

Jacob Frederiksz Slot, ged. Oosterend 27-10-1747, doopgetuige Aafje Jacobs, trouwde, oud 26 jaar, te Oosterend op 17-11-1773 met Neeltje Gerrits Brouwer, oud 27 jaar, ged. Oosterend 17-07-1746, overl. Oosterend 17-091796, oud 50 jaar, dr. van Gerrit Klaasz Brouwer en Trijntje Gerrits Sijm.

Uit dit huwelijk:

1.      Gerrit Jacobsz Slot, ged. Oosterend 28-05-1775, volgt 5e  generatie

2.      Dieuwertje Jacobs Slot, ged. Oosterend 07-09-1777

3.      Klaas Jacobsz Slot, ged. Oosterend 20-02-1780

4.      Klaas Jacobsz Slot, ged. Oosterend 04-03-1781

5.      Hendrik Jacobsz Slot, ged. Oosterend 30-1-1783

 

Na het overlijden van Jacob’s moeder is hij vanaf 14-04-1789 voogd voor Trijntje Gerrits Brouwer, zijn nicht en dochter van Jan Gerrits  Brouwer.

Jacob is schipper van een haringschuit. Met een bemanning van 6 man waaronder Cornelis Jacobsz Kooiman (getrouwd met Trijntje Gerrits Brouwer). Met 4 haringschuiten met bemanning zijn ze op 3 mei 1781 naar de buitengronden bij Eijerland gevaren, waar een galjoot (kleine galei) “De Patriot” gestrand was. Deze vervoerde thee, totaal 56 kisten. Met toestemming van de kapitein van het Schip “Maria Stokman”, is deze vracht ’s nachts en de volgende dag op Eijerland aan land gebracht. Verder was er niets gevonden of achtergehouden.

Jacob Slot was oud burgemeester van Oosterend; hij wordt in 1791 door de Hoven van Holland geruime tijd in submissie (oude rechtsterm, verzoek verdachte om zonder nader onderzoek vonnis te wijzigen)  gesteld. Hij wordt veroordeeld, gecorrigeerd en vervallen verklaard van al zijn waardigheden. Dit voor gepleegde strandroverijen. De kerkeraad spreekt daarover. Er is ergernis bij de Hervormde kerk; hij werd voorlopig uitgesloten van avondmaal en bediening.

 

5e generatie.

Gerrit Jacobsz. Slot, ged. Oosterend 28-05-1775, doopgetuige Trijntje, zeeman, arbeider, overl. Ommerschans, Ommen Stad, 24-11-1859, oud 71 jaar, trouwde, oud 28 jaar, te Texel op 30-08-1803 met Neeltje Jacobs Burger, oud 25 jaar, ged. Nieuwe Schilt 1778, overleden 24-11-1859, oud 81 jaar, dr. van Jacob Pietersz Burger en Jantje Ariens Dijksen.

Uit dit huwelijk:

1.      Neeltje Brouwer, ged. Texel 25-09-1804

2.      Cornelis Brouwer, ged. Texel 22-02-1807

3.      Klaas Brouwer, ged. Texel 22-11-1809

4.      Jacob Slot, geb. Oosterend 25-08-1816, volgt 6e generatie

5.      Hendrik Slot, geb. Oosterend 03-07-1820

 

Gerrit Slot, geb. 28-05-1775 ingeschreven als kolonistenvader te Frederiksoord.

                Ingeschreven op: blz/hoeve 110 (inv. Nr. 1346); blz/hoeve 110 (inv. Nr. 1347); blz/hoeve 110

(inv. nr. 1348).

Bijzonderheden:

Is kolonist bij contract met Gemeente Armvoogden te Texel. Gratis.

Op aankomstdatum geplaatst in kolonie 1, Frederiksoord. Op 07-06-1830 is het gezin ontslagen. Gehuwd met Neeltje Jacobs Burger, geb. 27-08-1779. Uit dit huwelijk zijn 5 kinderen geboren.

 

6e generatie.

Jacob Slot, geb. Oosterend 25-08-1816, arbeider, overl. Drogteropslagen (Zuidwolde)

09-04-1890, oud 73 jaar, trouwde, oud 48 jaar, te Zuidwolde op 03-06-1865 met Johanna Mekers, oud 31 jaar, geb. Ambt Ommen 18-11-1832, arbeidster, overl. Avereest 26-09-1904, oud 71 jaar, dr. van Antonie Mekers en Maria Lippold.

Uit dit huwelijk:

1.      Hendrik Slot, geb. Zuidwolde 22-12-1865, volgt 7e generatie

2.      Johannes Antonius Slot, geb. Drogteropslagen 27-11-1868, overl. Lottergreppel (Zuidwolde) 22-01-1873, oud 8 jaar.

3.      Gerrit Slot, geb. Lottergreppel (Zuidwolde) 01-03-1872

 

7e generatie.

Hendrik Slot, geb. Zuidwolde 22-12-1865, arbeider/kalkbrander, overl. Weiteveen (Schoonebeek) 08-12-1957, oud 91 jaar, begr. Rk. Erica, trouwde (1), oud 28 jaar, te Zuidwolde op 14-04-1894 met Maria Catharina Einhaus, geb. Ambt Hardenberg 04-09-1869, arbeidster, overl. Nieuw Amsterdam 28-08-1910, oud 41 jaar, begr. Rk. Erica 08-09-1910, dr. van Johannes Hermannus Bernardus Einhaus en Maria Aleida Bouck, trouwde (2), oud 46 jaar, te Emmen op 22-02-1912 met Aaltje Jalving, oud 31 jaar, geb. Emmen 16-02-1881, arbeidster, overl. Emmen 21-06-1934, oud 53 jaar, begr. Rk. Erica 25-06-1934, dr. van Roelof Jalving  en Willemtien Hoving.

Uit 1e huwelijk:

1.      Johannes Jacobus Slot, geb. Avereest 28-01-1896, overl. Emmen 24-12-1895, oud 70 jaar, begr. Rk. Erica 29-12-1965

2.      Maria Aleida Slot, geb. Avereest 13-06-1896, om 01 uur, overl. Avereest 13-06-1896, om 21 uur, oud 20 uur

3.      Hermannus Johannes Bernardus Slot, geb. Avereest 21-11-1897, overl.

’s-Hertogenbosch 30-11-1918, oud 21 jaar

4.      Maria Catharina Slot, geb. Emmen 27-05-1899, overl. Emmen 10-06-1900, oud 1 jaar

5.      Jacobus Johannes Slot, geb. Emmen 09-05-1902, overleden

6.      Henderikus Gerardus Slot, geb. Emmen 16-12-1904, overl. Emmen 12-01-1904,

oud 1 jaar

7.      Henderikus Gerardus Slot, geb. Emmen19-12-1904, overleden

8.      Maria Catharina Slot, geb. Emmen 18-04-1906

9.      Johannes Hendrikus Slot, geb. Emmen 26-07-1907, overl. Emmen 15-03-1912,

oud 4 jaar

10.  Johanna Aleida Slot, geb. Emmen 26-07-1909

 

Uit 2e huwelijk:

11.  Niet bekend ?

12.  Niet bekend ?

13.  Aaltje Maria Slot, geb. Emmen 19-10-1918

14.  Hermannus Johannes Bernardus (Harm) Slot, geb. Emmen 03-07-1921, volgt

8e generatie

 

8e generatie.

Harm (Hermannus Johannes Bernardus) Slot, geb. Nieuw Amsterdam (Emmen) 03-07-1921, beroepswielrenner, koopman, overl. Odoorn 19-09-2002, oud 81 jaar, begr. op het Rk. kerkhof te Erica.

 

Harm (Hermannus Johannes Bernardus) Slot was de eerste beroepswielrenner van Drenthe. Hij is geboren aan de Zijtak bij de kalkovens te Nieuw Amsterdam, waar zijn vader kalkovenbaas was. Harm was de jongste in een degelijk Rooms Katholiek gezin van vijf broers en vier zussen. Het was, wat men noemt, een huishouding van Jan Steen. De lucht uit de Harm Slot 2kalkovens verspreidde een onaangename geur en drong ook de woning binnen terwijl kakelende kippen rondliepen bij gebrek aan een hok. Het gezin ging naar het verder gelegen Erica naar de kerk waar Harm ook naar de lagere school ging. Harm was geboren met een handicap: zijn rechterbeen was korter dan zijn linker. Vader Slot begreep dat Harm nooit zwaar werk zou kunnen doen. Hij stelde Harm voor de keus: of aan het werk of naar de Mulo. Harm koos voor de Mulo. Nadat hij daar het diploma had behaald en verschillende beroepen had uitgeoefend, kreeg de persoon Harm Slot gestalte.

Hij was toen al jaren bezig met het schrijven van streekverhalen, dit zou zijn grootste obsessie worden. Maar Harm begreep dat hiermee geen droog brood te verdienen viel. Als amateurwielrenner waagde hij de sprong naar de profwielrennerij. Hij nam zijn racefiets en ging richting België, waar iedere avond daar wel ergens een kermistoer werd verreden.   Startgeld was er niet, maar als je, voordat de controlepost afgebroken was binnenkwam, kreeg je ongeveer 35 gulden. Aan echte prijzen kwam hij bijna nooit, zijn verklaring daarvoor was: de souplesse ontbrak, maar de kracht was er wel. Vaak kwam hij als laatste binnen en in de radioreportage hoorde je de verslaggever vaak zeggen: “ Slot volgt ”.

Op 35 jarige leeftijd stopt Harm met de professionele wielersport, wel bleef hij de dagelijkse trainingsronde doen. Tijdens deze rondes door Drenthe deed hij inspiratie op voor zijn verhalen hij ging zich geheel toeleggen op streekromans.

Om in zijn levensbehoeften te kunnen voorzien zette hij een handel op in lompen en oud ijzer. Bergruimte voor deze spullen vond hij in een afgelegen arbeiderswoninkje met drie are land aan de Wilhelmsweg. Elektriciteit  en water was hier niet. Hij versleet vier typemachines met het schrijven van vele tientallen verhalen, bij het licht van een gaslamp. Met een Harm Slot 3gaspit op drie poten verwarmde hij het vertrek. Water voor bijvoorbeeld de afwas werd opgevangen in een regenton.

De legende Harm Slot groeide in het “witte huisje”. Mensen die even op de schroothoop wilden neuzen bezochten het bomvolle huisje. Ook nieuwsgierigen die iets hadden gehoord over deze Drentse zonderling kwamen voor een praatje.

Harm begon in zijn huisje een winkeltje in huishoudelijke artikelen. Hij verkocht tandenborstels, batterijen en geitenwollen sokken. Ondanks dat hij de spullen ver beneden de prijzen van de supermarkten verkocht bracht het voldoende geld op om een aantal verhalen te bundelen en op eigen kosten uit te geven.

Harm Slot 4In de zomer van 1981 ging Harm voor onderzoek naar het ziekenhuis omdat hij last had van kortademigheid. In Zwolle ontdekte men een luchtzak achter zijn longen. Het was een gevolg van een verwaarloosde breuk van vier ribben, twintig jaar eerder opgelopen bij een wielerwedstrijd. In de eerste week van zij zes weken durende opname werd er ingebroken in zijn huisje. Toen hij later ging kijken bleek dat er een enorme ravage was aangericht.  Niet allen zijn vierendertig langspeelplaten en vier grammofoons waren gestolen ook was alles kapot geslagen. Bovendien hadden de dieven de laatste delen van zijn eerste boek meegenomen en de foto’s en de krantenknipsels van zijn wielerperiode stuk gemaakt. Een honderdtal schilderijen in naïeve  stijl, door hem zelf geschilderd, was stuk getrapt. Nog de zelfde dag heeft Harm opdracht gegeven het witte huisje te slopen. Zijn familie heeft ervoor gezorgd dat Harm woonruimte kreeg in de “Breehof”. Vandaar ging hij naar  “Oldersheem”, waar hij lang heeft gewoond tot hij vanwege zijn ziekte (Parkison) in het verzorgingshuis in Odoorn werd opgenomen. Hier overleed hij op 19 september 2002 en werd begraven op het Rk. kerkhof te Erica.

 

 

 

Bron:Gemeentearchief Emmen en Alle Friezen
 
“Historische Kring Erica”
Samengesteld door:Gerard H.J.Kolker
Zaterdag 10 Juni 2017